Je herkent het misschien wel: je wilt bewust een duurzame aankoop doen. Dan is het belangrijk om de kwaliteit en de herkomst van een product te kennen. En dat is niet altijd eenvoudig.
Zo kocht ik laatst online een nieuw sporthorloge van een bekend Amerikaans merk. De handleiding bleek echter volledig in het Chinees; er was geen touw aan vast te knopen. De leverancier had er nog net een briefje bij gedaan met wat aanwijzingen, maar verder was de boodschap vooral: ‘zoekt u het maar uit’. Ik had geen idee wie het nu eigenlijk had gemaakt, wat de kwaliteit was en of het duurzaam was geproduceerd.

Op zo’n moment vraag je je af: hoe lang gaat dit product eigenlijk mee? Is er bij de productie misschien sprake geweest van gedwongen arbeid of uitbuiting? Hoe veilig en recyclebaar zijn de gebruikte materialen. En is er misschien zelfs spionagesoftware geïnstalleerd? Je leest regelmatig over dit soort misstanden, en meewerken aan dat soort praktijken is wel het laatste wat je met jouw aankoop wilt. Maar ja, je hebt simpelweg niet de tijd om voor íédere aankoop tot op de bodem antwoord te krijgen op deze vragen.
Om de consument te helpen bij het maken van een bewuste, duurzame keuze, stuurt de Europese Unie voor een groot aantal productgroepen aan op meer transparantie, betere digitale traceerbaarheid en minder ruimte voor illegale praktijken. Met de komst van het digitale productpaspoort (DPP) wordt dat heel concreet. Vanaf 2024 legt de EU voor vrijwel alle producten (levensmiddelen uitgezonderd) vast dat informatie over de herkomst, materialen, milieu-impact en documentatie digitaal beschikbaar moet zijn. Het DPP is daarmee een nieuw fundament onder de Europese duurzaamheidsambities.
Ieder product krijgt een unieke identificatiecode die gescand kan worden. Consumenten kunnen dan eenvoudig nagaan of de producten van ‘goede komaf’ zijn; oftewel: geproduceerd met respect voor klimaat, natuur en mens. Dat klinkt als een bijzonder handig hulpmiddel.
Parallel aan deze algemene ontwikkeling treedt de herziene EU Fisheries Control Regulation (EU 2023/2842) in werking. Deze introduceert verplichte digitale traceerbaarheid voor bijna alle visproducten in de EU. Voor verse en diepgevroren vis geldt dit al in 2026, voor verwerkte producten volgt dit in 2029. Het doel? Het vertrouwen herstellen in een keten waarvan meer dan 70% van de consumptie uit import bestaat. Een keten bovendien waarin eerlijke producenten nu nog te vaak moeten concurreren met vis van onduidelijke herkomst.
Weerstand in de keten? Dat is heel begrijpelijk. Voor veel ondernemers in de handel en verwerking voelt dit als een forse, nieuwe administratieve last. In een sector waarin partijen van over de hele wereld worden gemengd, verwerkt en verhandeld, is het domweg complex om elke stap digitaal vast te leggen. Natuurlijk, er zijn vast goede technische oplossingen beschikbaar of in de maak, maar zoiets kost tijd en geld. De zorgen dat kleinere ketenpartners kopje-onder gaan als deze systemen te snel of te rigide worden ingevoerd, zijn reëel.
Maar het grotere plaatje telt óók. De EU pakt hiermee tegelijkertijd iets aan waar de sector al jaren last van heeft: illegale, ongemelde en ongereguleerde visserij (IUU-visserij). Deze praktijken ondermijnen de markt, drukken de prijzen en schaden de reputatie van de hele keten. Straks mag alleen vis die vergezeld gaat van een gevalideerd vangstcertificaat nog worden ingevoerd. Vanaf 10 januari 2026 gebeurt dat bovendien verplicht digitaal via het nieuwe CATCH-systeem.
Dit systeem moet voorkomen dat papieren certificaten — jarenlang de zwakke plek — simpelweg verdwijnen in lades of in landen met ‘flexibele’ interpretaties van de regels. Door de digitale uitwisseling en automatische controles moet de EU-markt eindelijk écht waterdicht worden voor illegale vis. De intentie is goed, al moet het in de praktijk natuurlijk wel werkbaar blijven.
Tussen last en kans
Wat we zien is een visketen die véél meer moet gaan registreren, maar óók een keten die zichzelf daardoor beter kan onderscheiden. Hoe meer transparantie we eisen, hoe moeilijker het voor misstanden buiten de EU wordt om onze markt te betreden. Dat versterkt direct de positie van de bonafide ondernemers.
De digitale omslag vraagt veel, maar kan uiteindelijk juist helpen om de visketen geloofwaardiger, concurrerender en duurzamer te maken. Misschien is dit wel hét moment waarop de keten, ondanks de hobbels op de weg, kan laten zien hoe waardevol transparantie écht is. Ondernemers moeten dan echter wel de tijd krijgen om zich aan deze nieuwe realiteit te kunnen aanpassen.
Als consument wil ik in ieder geval graag meer inzicht in de herkomst van de producten die ik koop. Of dat nu een sporthorloge is, of een (h)eerlijk stukje vis.